Nieuwjaarstoespraak burgemeester

08 januari 2018

Lees hier de nieuwjaarstoespraak van burgemeester Onno van Veldhuizen, uitgesproken tijdens de nieuwjaarsreceptie op 8 januari 2018.

Lieve Stadsgenoten, Noabers en vrienden van over de grens,

Ik wens u allemaal een heel goed en gezond 2018. Besonders auch unsere liebe Nachbarn aus Deutschland, die sich die Mühe gegeben haben nach Enschede ab zu reisen, alles Gute zum neuen Jahr und gute Nachbarschaft.

We gingen na de nieuwjaarsreceptie 2017 met de goastok het jaar in op weg naar de ander en lieten de selfiestick thuis. En dat het werkt. Neem de Vuurwerkdialoog, het D’ran-festival, de Tafel van Marcelis en de Tafel van Vrede, ‘Enschede wekt op’ en het constructieve overleg inzake de Agenda voor Twente. Ik denk ook aan de vele formele en informale gesprekken die ik als burgemeester heb mogen voeren met de mensen in de stad. Waarvoor oprechte dank.

Die goastok brengt ons nu naar Saxion voor de eerste innovatie van 2018: de nieuwjaarsreceptie van stad in de hogeschool. Eén van de meest inspirerende locaties in de stad.  Hier stond ooit het algemene ziekenhuis Ziekenzorg met op steenworp afstand, rondom het Ariensplein, het in 1914 geopende roomskatholieke Sint Josefziekenhuis, het latere Stadsmaten. Een stukje verderop, is het gloednieuwe MST gebouwd.

Anka MulderOp oale grond verrijst hier een stadscampus met betekenis voor de toekomst van de stad. Een inspirerende locatie voor studenten van heinde en verre waarbij Saxion een prominente rol vervult. We danken Saxion voor het gastvrije onthaal en dank ook aan de studenten van Saxion, ROC en UT die geholpen hebben met de organisatie van deze bijeenkomst. Daarnaast maak ik graag van de gelegenheid gebruik om de nieuwe bestuursvoorzitter Anka Mulder, hartelijk welkom te heten in onze stad en in Twente. Ik wil haar graag een eigen goastok aanreiken, op weg naar al die mensen en organisaties waarmee zij in haar nieuwe functie in gesprek zal gaan.

Anka je deed iets heel verstandigs en bent, naar ik hoop, een echte trendsetter: jij ruilde Delft voor Twente! Een goed voorbeeld: wijs word je in het Oosten; als je slim bent. Hoe zorgen we er voor dat jouw goede voorbeeld navolging krijgt? Dat we een Enschede en een Twente creëren waar je niet om heen kunt? Daar zou ik het over willen hebben. Woar geet ‘t op an in tweedoezend achtteen?

De crisis voorbij; Booming Enschede  

Kijken we eerst naar waar we nu staan. De crisis die tien jaar duurde ligt achter ons. Nederland steeg van de 9e naar de 3e plek op de lijst van meest innovatieve landen. Binnen Nederland doen we het in Twente en Enschede ook nog eens bovengemiddeld goed op belangrijke punten als economische groei en de deelname aan technisch onderwijs.

In de afgelopen jaren is de defensieve agenda - hoe houden we wat we hebben? - ingeruild voor een offensieve - hoe krijgen we wat we willen?

Die geest ademt ook de nieuwe Agenda voor Twente waarmee gemeenten samen investeren in de ontwikkeling van de regio. Hopelijk is die agenda, net als de vorige, weer goed voor een multiplier effect van honderden miljoenen op het gebied van talent, techniek, bereikbaarheid en circulaire economie. We zijn zo beschouwd een top-regio in Nederland en Europa, en mogen daarmee ook in de rest van de wereld gezien worden. Twente staat in de startblokken om met de provincie en het kabinet invulling te geven aan het regio-beleid zoals dat in het regeerakkoord prominent genoemd wordt.

In het centrum van onze stad, op Kennispark, op Technology Base bij het vliegveld en veel andere locaties, zie je het dan ook gebeuren en neemt het zelfvertrouwen toe. Booming Enschede zou wel eens ons buzzwoord van 2018 kunnen worden.

Boomen of Gloomen?

Zulke woorden blijven in Twentse oren ongemakkelijk klinken. Juist als Enschede – stad van pieken en dalen, vallen en weer opstaan - weten we hoe kwetsbaar en onvoorspelbaar het allemaal is. Twijfel zit in onze genen.
In 1969 verhaalde het Financieele Dagblad over de nadagen van de Twentse Textiel. In Enschede stond toen meer commercieel vastgoed te koop en te huur dan in Amsterdam, Rotterdam en Den Haag samen! Stelt u zich dat even voor. Je vraagt je af hoe we daar ooit bovenop zijn gekomen. Maar één ding staat vast, het is gelukt!

Dat is hoopvol. Ook voor de mensen onder onze 158.351 inwoners die het allemaal niet zo booming ervaren. Het is voor hen geen werkelijkheid die ze terugzien in vastigheid van werk of inkomen. Als ik met hen in gesprek ben dan hoor ik vaak dat de problemen van vandaag zwaarder wegen dan de zorgen voor morgen. Voor hen ‘boomed’ het niet, het ‘gloomed’. En datzelfde geldt voor de medewerkers van Siemens in Hengelo. Het is de uitdaging om het voor al deze mensen in de nabije toekomst beter te maken.

Ik zie het als een opdracht voor ons allen om daar in 2018 over na te denken en er iets aan te doen.

Hollen of stilstaan?

Laten we even stil staan bij drie belangrijke parameters, volgens mij de cruciale klokken van de stad:

  • de langjarige bevolkingsgroei,
  • het aantrekken en vasthouden van talent en
  • de bereikbaarheid van banen.

We hebben ons, door decennia van sluipende groei, in slaap laten sussen. De hoogste tijd om wakker te worden. We hebben meer banen en bedrijfsvestigingen dan ooit, maar we krijgen de vacatures niet meer gevuld. De groei van onze beroepsbevolking stagneert en de bevolkingsgroei blijft achter.

In de gemeentelijke Eredivisie bungelen de Twentse steden onderaan. We zijn niet aantrekkelijk genoeg. Gek genoeg hoor of zie je daar in de media weinig over terug terwijl andere lijstjes veel meer aandacht krijgen.

Ik ga ervan uit dat FC Twente straks gewoon weer stevig in het linker rijtje staat, maar hoop ook dat de Twentse steden hoger op de ranglijst komen.

Onderaan staan is niet fijn als je weet dat de schaarste aan gekwalificeerde mensen in de groeisectoren alleen maar toeneemt. Niet groeien is ook heel onhandig wanneer je essentiele en hoogwaardige voorzieningen in de zorg, cultuur en het onderwijs op peil wilt houden. Dat wordt extra moeilijk wanneer het ommeland, van Achterhoek tot Drente, krimpt en je ook nog aan de grens ligt. Dan rijst opnieuw de vraag: Woar mot ‘t op an in tweedoezend achtteen?

Voor een kwalitatief goede stad - het is niet anders - doet omvang er toe. Enschede moet weer echt gaan groeien, zowel in beroepsbevolking als in  bevolkingsaantal. Die groei gaat niet ten koste van andere Twentse steden, maar staat juist ten dienste van de rest van Twente. We moeten als regio hogerop! Niet stilstaan, maar hollen!

Om de negatieve trend te keren, moeten publieke én private partijen, lokale én regionale verbanden, de komende jaren samen als team uitblinken. Een mooi voorbeeld van die samenwerking is de gezamenlijke lobby voor het Twents Fonds voor Vakmanschap. Bedoeld om MBO-ers te helpen zich aan te passen aan de voortdurend veranderende arbeidsmarkt.

Uitblinken is ook nodig om het nadeel van onze decentrale ligging te compenseren. Zorgen dat we niet meer achteraan in Nederland, maar straks ook vooraan in Duitsland liggen. In feite is de opgave waar we nu voor staan, vergelijkbaar met die van 1969. Maar onze uitgangspositie is veel sterker dan toen. Daar moeten we gebruik van maken. Niet afwachten, maar knallen. Uitblinken! Niet morgen, maar nu.

Van Pathmos tot Pakistan

De eerste opdracht: Het daadwerkelijk ontwikkelen, aantrekken en vasthouden van talent. Van hoog tot lager opgeleid. We zijn goed in het aantrekken van 15 tot 20 jarigen, maar niet goed genoeg in het vasthouden van talent. Veel te veel mensen vertrekken tussen hun 20ste en 40ste weer uit Twente.

Wat mij betreft vertrekt geen student van het beroepsonderwijs, hogeschool of universiteit, zonder met tenminste drie Twentse werkgevers gesproken te hebben. Het mag niet zo zijn dat talent dat we in Twente hebben opgeleid, elders aan de slag gaat en met hen een belangrijk deel van de werkgelegenheid verdwijnt. We mogen dat niet als laatste doorhebben, maar moeten er als eerste iets aan doen. Laten we concrete doelen stellen voor talent dat na de studie in Twente blijft. Gemeenten kunnen daarin het goede voorbeeld geven.

De aantrekkelijke en bereikbare stad

De aantrekkelijkheid als stad en regio groeit enorm wanneer we zorgen voor een kwalitatief meer hoogwaardig stedelijk leefmilieu en er voor zorgen dat meer banen in en buiten Twente sneller en beter bereikbaar zijn.

In de Atlas van Gemeenten staan we in de sociaal economische index op de 49ste plaats en stonden we in 2016 qua woonaantrekkelijkheid op plaats 43. Het afgelopen jaar zijn we gestegen naar plek nummer 40, maar dat is eigenlijk onbestaanbaar, want als je de bereikbaarheidsfactor schrapt, staan we opeens op plaats 12!

Met andere woorden: we moeten het leefmilieu in de stad opwaarderen en de reistijd naar meer banen aanzienlijk verkorten. We weten dat we zo snel mogelijk beter moeten aantakken bij de Randstad en het Duitse Achterland; samen de Eurometropool die er mondiaal toe doet. Alles wat binnen een uur te bereizen is, versterkt ons. Schept nieuwe kansen voor onze inwoners en maakt de regio aantrekkelijker voor mensen van buiten.

Ook binnen het Twentse stedelijke netwerk valt nog veel te winnen als het om de bereikbaarheid van banen gaat. Daarnaast staat op het gebied van de slimme en duurzame mobiliteit veel gebeuren. Denk aan de energietransitie, de reductie van fijnstof en CO2 en zero-emissie voertuigen. Ook daar zouden we echt als een van de eersten bij moeten zijn. Wij zijn goed in het ontwikkelen van nieuwe technologie, maar ook in het testen en toepassen daarvan. Zo werken we aan een grensoverschrijdend Field-lab op het gebied van circulaire economie.

Enschede moet en kan groeien tot 165.000 inwoners in 2025; door het beter aantrekken en vasthouden van talent en betere bereikbaarheid van meer banen. Over die grote opgaven zou je het met elkaar snel eens moeten worden en dan uitblinken in de uitwerking en de uitvoering.

Woar geet ‘t op an in 2018?

Politiek en bestuurlijk wordt 2018 een spannend jaar. Op 21 maart hebben we de Gemeenteraadsverkiezingen. Wat de uitkomst daarvan is, weten we pas als het lente wordt. Maar alom neemt men aan dat het politieke landschap verder versnippert. Dat maakt het bepalen van richting en het vasthouden van tempo niet eenvoudiger. Laten we hopen dat onze goastok geen sloastok wordt. Tenzij we ‘m gebruiken om de maat te slaan en daarmee het ritme vinden waardoor iedere inwoner van deze stad echt mee kan doen. Ik wil dan ook eindigen met de erfenis van Eberhard van der Laan: “Zorg goed voor onze stad en voor elkaar”.