Twentse gemeenten slaan handen ineen voor SROI-Beleid

20 september 2017

Extra kansen op de arbeidsmarkt met SROI

Jaarlijks besteden de Twentse gemeenten voor ongeveer 1 miljard euro aan allerlei projecten, variërend van de aanleg van een weg tot de schoonmaak van het stadhuis, en van de inkoop van kantoormeubilair tot het vervoer met de Regiotaxi. Op al deze opdrachten is het SROI-beleid van toepassing. SROI staat voor Social Return On Investment, of in gewoon Nederlands; iets terugdoen voor de samenleving. Dat gebeurt werkplekken te creëren voor werkzoekenden of mensen met een arbeidshandicap of stageplekken aan te bieden. Op deze manier krijgen mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt een duwtje in de rug. De 14 Twentse gemeenten trekken op dit vlak samen op. 

Twentse samenwerking

De 14 Twentse gemeenten werken met drie subregio’s; Almelo, Hengelo en Enschede. Andy Paulus is SROI-coördinator voor de subregio Almelo. Hij helpt ondernemers om aan hun SROI-verplichtingen te voldoen. “Er is nog geen eenduidig landelijk beleid voor SROI, dus voor ondernemers kan het best lastig zijn dat niet elke gemeente in Nederland dezelfde spelregels hanteert. In Twente hebben we daarom de handen ineen geslagen. We werken bovendien nauw samen met de Regio Zwolle, zodat we in heel Overijssel nagenoeg dezelfde spelregels hebben.” 

SROI-waarde

Wanneer een ondernemer een opdracht vanuit een gemeente krijgt, moet hij een percentage van de opdrachtwaarde inzetten voor social return. Hoe hoog dat percentage is, ligt aan hoe arbeidsintensief de klus is. “Bij het schoonmaken van gebouwen kun je meer mensen inzetten dan bij het leveren van bureaustoelen. Daarom werken we met twee verschillende percentages, afhankelijk van de opdracht”, legt Andy Paulus uit. Op deze manier rolt er een bedrag uit dat de SROI-waarde wordt genoemd. Voor deze waarde moet de ondernemer werk- of stageplekken bieden aan mensen uit door de gemeenten bepaalde doelgroepen. 

Elke doelgroep vertegenwoordigt een waarde en zo kan de rekensom worden gemaakt. “De ondernemer is vrij om te kijken hoe hij de SROI-waarde invult, bijvoorbeeld met werkplekken voor mensen uit de bijstand of mensen met een arbeidshandicap. Een werkgever weet zelf het beste wat voor mensen hij goed kan gebruiken. Zo stimuleren we werkgevers om mensen uit deze doelgroepen een kans te geven. Hoe meer uren iemand maakt, hoe hoger de SROI-waarde. Wanneer er bij een bedrijf al mensen werken met een arbeidshandicap, telt dat ook mee voor de SROI-waarde. Ook initiatieven van de werkgever die de werkgelegenheid ten goede komen, zoals voorlichting op een school, hebben SROI-waarde. We houden de afspraken bij in een digitaal systeem, zodat de gemeente en de werkgever goed kunnen zien hoe het ervoor staat.” 

Kansen bieden

Met het SROI-beleid willen de gemeenten meer kansen bieden voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. Tot nu toe zijn er in Twente al afspraken gemaakt die in totaal staan voor een SROI-waarde van ruim vier miljoen euro. “Het is een extra zetje in de rug; hierdoor krijgen mensen de kans om bij een bedrijf aan de slag te gaan. Ze zijn dan binnen bij een bedrijf, doen ervaring op en kunnen laten zien wat ze in huis hebben”, zegt de Tubbergse wethouder Roy de Witte, bestuurlijk kartrekker van het regionale SROI-beleid. “Natuurlijk hopen we dat ze langer dan die ene klus kunnen blijven, en dat ze er een vaste baan aan over houden. Want dat horen we na elke geslaagde match; werken doet mensen goed.”

Dat kan Andy Paulus alleen maar beamen. “Laatst was hier nog een meneer die werk zocht. Hij zat thuis niet goed in zijn vel en had wat lichamelijke klachten. Toen hij bij een bedrijf aan de slag kon, zag je hem opbloeien. De klachten verdwenen en hij voelde zich beter. Daar doen we het voor!”

Foto: regionale werkgroep SROI, v.l.n.r.: Andy Paulus (regio Almelo), Ilse van den Brand (regio Hengelo), wethouder Roy de Witte en Michel Bosch (regio Enschede)