Streng aan de Poort

De gemeente wil dat er direct vanaf de start van de exploitatie van een kinderdagverblijf, buitenschoolse opvang of voorziening voor gastouderopvang, verantwoorde en kwalitatief goede opvang geboden wordt. Voor een gastouderbureau geldt dat deze direct vanaf de start de werkzaamheden zo moet kunnen uitvoeren dat zowel het gastouderbureau als de door het gastouderbureau te begeleiden gastouders, aan de kwaliteitseisen voldoen. De gemeente is daarom streng in de eisen betreffende de volledigheid van stukken bij de aanvraag. Alle nieuwe aanvragen tot exploitatie worden ook uitgebreid getoetst door de GGD. Ook worden, naast de toetsing van de GGD op de eisen uit de Wet kinderopvang, andere aspecten meegenomen in de beoordeling van de aanvraag. 

Zoals bijvoorbeeld:

  • de kwaliteit van andere kinderopvangvoorzieningen van de houder;
  • de handhavingshistorie.  

Zie ‘factsheet-Streng aan de Poort’. Hierin zijn de belangrijkste aandachtspunten opgenomen met betrekking tot de werkwijze Streng aan de Poort bij registratie van nieuwe kinderopvang.

Voldoen aan overige, relevante regelgeving

Om te mogen starten met kinderopvang, moet de opvang geregistreerd zijn in het Landelijk Register Kinderopvang en daarmee voldoen aan de Wet kinderopvang. Maar er mag – ondanks de registratie - nog niet gestart worden als er nog niet aan overige, relevante regelgeving wordt voldaan. Om ervoor te zorgen dat alleen kinderopvangvoorzieningen geregistreerd worden die aan alle wettelijke eisen voldoen, en na registratie dan ook veilig en verantwoord kunnen starten, kijkt de gemeente bij een nieuwe aanvraag tot registratie ook naar andere wetgeving en vergunningen. Wanneer bij het indienen van een aanvraag nog niet voldaan is aan overige relevante regelgeving, neemt de gemeente contact op met de aanvrager. De aanvrager kan worden gevraagd zijn aanvraag in te trekken of hem kan toestemming worden gevraagd om de behandelingstermijn op te schorten tot het moment waarop duidelijk is dat de benodigde andere vergunningen/vrijstellingen verkregen zijn (lid 2 van art. 4:15 Awb).

Met bovenstaande werkwijze stimuleren we als gemeente dat nieuwe kinderopvangvoorzieningen die geregistreerd (willen) worden vanaf het moment van registratie, in brede zin, veilige en verantwoorde opvang bieden. Let op dat u als aanvrager (toekomstig houder van een kinderopvangvoorziening) zelf verantwoordelijk blijft voor het voldoen aan alle regelgeving wanneer u in exploitatie gaat.

Eisen vanuit overige, relevante regelgeving zijn bijvoorbeeld: 

  • De vestiging van uw organisatie moet passen in het bestemmingsplan van de gemeente.
  • Als u gaat bouwen of verbouwen, hebt u meestal een omgevingsvergunning voor bouwen nodig.
  • Voor een kinderdagverblijf en buitenschoolse opvang hebt u (in de meeste gevallen) een omgevingsvergunning nodig voor brandveilig gebruik.

Meer informatie hierover vindt u op de pagina Overige wet- en regelgeving.