Tussenevaluatie nieuwe jeugdhulpstelsel

Per 1 januari 2015 is de gemeente verantwoordelijk geworden voor jeugdhulp. Hiertoe is een nieuw jeugdhulpstel ingericht. In het eerste kwartaal 2016 is een tussenevaluatie van het nieuwe stelsel in Enschede uitgevoerd. Het beeld dat uit deze tussenevaluatie naar voren komt is vergelijkbaar met het landelijk beeld.

Het jaar 2015 stond vooral in het teken van zorgcontinuïteit en een zorgvuldige overgang van taken en verantwoordelijkheden naar het gemeentelijk domein: de transitie van jeugdhulp. Een van de belangrijkste doelen van de decentralisatie van jeugdhulp naar het gemeentelijk domein is de hulpverlening meer integraal te laten plaatsvinden: de transformatie van jeugdhulp. Daarvan is nog beperkt sprake. Een belangrijke stap die Enschede hierin heeft gezet is de invoering van integraal werkende wijkteams. Die zijn vanaf 2015 aan de slag gegaan. De komende jaren wordt lokaal, regionaal en landelijk hard gewerkt aan de doorontwikkeling van die integrale aanpak en uitvoering.

Aanbevelingen

De aanbevelingen die in het rapport worden gedaan, zijn door het college overgenomen en omgezet in onderstaande acties voor de komende jaren. Het gaat om:

  • De doorontwikkeling van het voorveld gericht op preventie, zoals gerichte groepstrainingen op school.
  • De doorontwikkeling van de wijkteams ten aanzien van de kwaliteit van het generalistisch werken; het gaat hier om het borgen van generalistische expertise binnen de teams. Dit doen de wijkteams onder andere door structurele casu├»stiekbespreking en intervisie. Bovendien doen wijkteams ervaring op met laagdrempelige beschikbaarheid van gedragswetenschappers en ggz-deskundigen voor consultatie en advies.
  • De doorontwikkeling van specialistische jeugdhulpverlening gericht op meerresultaatgerichte (in plaats van productgerichte) invulling via de regionale inkoop van jeugdhulp vanaf 2018.
  • De verwerving van de juiste sturings- en beleidsinformatie voor de monitoring van de transformatie van jeugdhulp. Dit gebeurt landelijk door het CBS, maar ook lokaal via de monitoring van registratiegegevens en regionaal.

Een deel van deze acties is al in gang gezet. De dialoog met zorgaanbieders, gericht op vertrouwen in elkaar, het (er)kennen van elkaars expertise ten behoeve van een optimale samenwerking tussen wijkteams en zorgaanbieders moet nog verder worden ingevuld, aan de hand van bijvoorbeeld leertafels.